TrosKompas

aliens.jpg

Battle Los Angeles (2011)

De wereld is in oorlog. Maar dit keer zijn het geen volkeren onderling die elkaar naar het leven staan, maar buitenaardse wezens die het op onze aarde gemunt hebben. In 'World invasion: Battle Los Angeles' zie je hoe de stad der engelen het tegen aliens opneemt. Sergeant Michael Nantz (Aaron Eckhart) heeft na jarenlange trouwe dienst bij de mariniers net zijn pensioenpapieren ondertekend. Maar door een bizarre gebeurtenis moet hij nog één keer vol aan de bak: de aarde wordt namelijk aangevallen door buitenaardse wezens, en het Amerikaanse leger kan Nantz' ervaring heel goed gebruiken in deze strijd. De groep mariniers waar Nantz bij wordt gestationeerd moet een groep burgers redden die zich diep in een door de aliens veroverd gedeelte van Los Angeles bevinden. De mariniers vechten een ongelijke strijd tegen de veel sterkere buitenaardse strijdmacht. Toch is Nantz vastberaden: hij zal de burgers redden, én Los Angeles zal niet in andere handen dan mensenhanden vallen. Dodelijke vuurballen
De film begint effectief, met nietsvermoedende mensen die zonnebaden op het strand en surfen aan de kustlijn. Dan verschijnen er rare vormen aan de hemel. De strandgasten denken: 'Huh?' Het bioscooppubliek denkt: 'Uh-oh…' De vormen blijken ruimteschepen te zijn, die dodelijke vuurballen op het strand afvuren. Paniek! Vooral als blijkt dat de invallers superieure wapens blijken te hebben, waarmee ze het Amerikaanse leger zo mee van de kaart vegen. De frustratie en angst bij het besef dat je niks kan doen tegen je belager, weet regisseur Jonathan Liebesman goed neer te zetten. Hij kon dan ook putten uit eigen ervaring. De Zuid-Afrikaanse regisseur werd in 1997 in zijn huis overvallen door gemaskerde mannen, waarbij een pistool tegen zijn hoofd werd gezet. Toen kon hij niks doen, nu kan de regisseur dat machteloze gevoel gebruiken voor ‘World invasion: Battle Los angeles’.

Moedig standhouden
En in de film laat Liebesman een groepje mariniers opdraven die wél moedig standhouden tegen de vijand. Onder leiding van sergeant Michael Nantz, neergezet door Aaron Eckhart. De acteur heeft een kin waarmee hij elke alien neer zou kunnen hoeken. Maar afgezien van zijn granieten bakkes speelt Eckhart down-to-earth. En dat is belangrijk, want het peloton mariniers bestaat namelijk uit vechtmachines waar het testosteron vanaf druipt, en daar kunnen wij ons net even iets minder in vinden. Als aan het hoofd een spierbal als Sylvester Stallone had gestaan, was het helemaal een karikaturaal stelletje vechtjassen geworden. Eckhart is het menselijke gezicht van de mariniers, waardoor het je toch wat kan schelen hoe het ze vergaat. Betonnen jungle Op hun zoektocht naar overlevenden moeten de mariniers door de betonnen jungle van de stad sluipen. Los Angeles ligt in puin, met kapotgeschoten huizen, ingestorte bruggen en uitgebrande auto’s. Vanachter het puin kan elk moment een eskader aliens tevoorschijn kan komen, dus de soldaten moeten constant op hun hoede zijn. Aangezien de camera vanuit het gezichtspunt van de mariniers is, weet je dus net zoveel van de situatie als de hen, waardoor de spanning regelmatig flink wordt opgevoerd. Want als de stilte wordt verscheurd door de akelige, onnatuurlijke klanken van de aliens weet je dat ‘ze’ heel dichtbij zijn. Mechanisch organisme De buitenaardse wezens bestaan uit een soort mechanisch organisme: half dierlijk, half robot. Dit zorgt voor een van de weinige grappige momenten in de film, als Nantz en co. een zwaargewonde alien vinden. Ze besluiten dat moment aan te grijpen om te kijken hoé de wezens eigenlijk gedood kunnen worden. Wat volgt is een geheel eigentijdse versie van Rembrandts 'Anatomische les'. Ze snijden het beest open en prikken erin. ‘Gaat 'ie dood als ik hier steek?’ ‘Neuh, hij reutelt alleen maar wat’. Na ongeveer het complete beest ontleed te hebben vinden ze eindelijk diens zwakke plek. Juichend schieten ze 'tig kogels naar binnen. Het is waarschijnlijk bloedserieus bedoeld, maar werkt onbewust op de lachspieren. Vechten! Het woord ‘Battle’ staat niet zomaar in de titel: het overgrote deel van de film bestaat uit gevechten tussen de mariniers en de aliens. Interessante subplotjes (één van de mariniers heeft een bloedhekel aan sergeant Nantz, omdat zijn broer ooit omkwam door een fout van dezelfde sergeant) en potentiële meningsverschillen (er valt genoeg te kibbelen in een gezelschap dat op een gegeven moment bestaat uit burgers vs. mariniers, vrouwen vs. mannen, zwart vs. blank en kinderen vs. volwassenen) worden ondergeschikt gemaakt aan bulderende explosies, mortiervuur en granaatinslagen. Soms wordt je als kijker bij het zoveelste ‘leven op dood’-gevecht, wat ‘ontploffingsmoe’. en geloof je het allemaal wel. Dit neemt niet weg dat 'World invasion: Battle Los Angeles' op zijn beste momenten een geslaagde mix is tussen de intensiteit van ‘Black hawk down’ en het popcornvermaak van ‘Independence day’.