TrosKompas

f-transcendence.jpg

Transcendence (2014)

De mens zit vaak achter de computer, maar wat als we echt ín de computer konden zitten? Die intrigerende vraag stelt 'Transcendence', waarin wetenschapper Will (Johnny Depp) zijn gedachten en emoties uploadt naar het internet.

Wally Pfister was jarenlang de vaste cameraman van Christopher Nolan. Hij wist prima de intellectuele actiefilms van Nolan in beeld te vangen, van 'Memento' tot de gelauwerde 'Batman'-trilogie en 'Inception' (voor die laatste won Pfister de Oscar voor beste camerawerk). En deze Pfister maakt nu de overstap naar regie met 'Transcendence'.

Aanslag
Will Caster (Depp) is een van de belangrijkste wetenschappers op het gebied van kunstmatige intelligentie. Hij werkt, samen met zijn vrouw Evelyn (Rebecca Hall) en beste vriend Max Waters (Paul Bettany) aan een controversieel experiment: Will wil het menselijk bewustzijn uploaden naar een computersysteem. Anti-technologie extremisten willen dit koste wat kost voorkomen, en plegen een aanslag op Caster. Maar met hun actie spelen ze hem juist in de kaart: de stervende Caster plugt zichzelf met behulp van Evelyn in op de computer, en na zijn dood leeft hij voort op de digitale snelweg, als een denkend, levende entiteit. Carter kan in zijn nieuwe hoedanigheid alle computers wereldwijd naar zijn hand zetten. Maar wat als zijn dorst naar kennis evolueert in een oneindige honger naar macht?

Integer
Je zou verwachten dat debuterende regisseurs klein beginnen, met een simpel rechttoe rechtaan-filmpje. Maar Pfister pakt het gelijk groots aan met 'Transcendence'. Het verhaal heeft vele lagen, en continu vraag je je als kijker af hoe jij zou reageren in een situatie. Zou jij je stervende geliefde uploaden naar een computer zodat deze altijd bij je is? En ook al ben je een integer persoon, als je de macht krijgt om de hele wereld te beïnvloeden, wat doet dat met je? Ga je als een mechanische god beslissen wat goed is voor de mens, en iedereen ook in die richting dwingen? Ook niet onbelangrijk: hoeveel mens ben je in de computer? Specifieker gezegd: je kan wel iemands hersenspinsels en gedachtegangen in de computer zetten, maar hoe zit het met iemands ziel? Dat ongrijpbare stukje dat iemand echt mens maakt? 'With great power comes great responsibility' wisten de Spider-Man-films ons al te vertellen, en dat is hier zeker van toepassing.

Crash
Wally Pfister had dus nogal wat om in twee uur te stoppen, en daarbij te zorgen dat de kijker wordt geëntertaind en met genoeg antwoorden op zijn vragen weer naar huis gaat. En het moet gezegd: Pfister maakt er geen warboel van. Hij regisseert het degelijk, laat de voors en tegens zien van alle kanten en partijen, en loodst ons zo door 'Transcendence'. En hij trakteert ons op bijzondere beelden. Zo begint de film met een blik op de toekomst, waar duidelijk een wereldwijde computercrash is geweest. Hierdoor is de meeste digitale apparatuur nutteloos geworden. Dus zien we laptops die als deurstoppers worden gebruikt, en mobieltjes die onder tafelpoten worden geschoven om het wiebelen van tafels tegen te gaan. Boodschappen worden afgerekend op ouderwetse kassa's, en pen en papier zijn de vervangers van sms, mail en WhatsApp.

Braaf
Dit soort mooie scènes ten spijt, bevredigt 'Transcendence' ons toch niet helemaal. Je mist als kijker een regisseur met een signatuur. Die het verhaal pepert of intrigerend maakt door het iets aan te dikken of een onverwachte zijweg in te slaan. Maar Pfister vinkt braaf alle gebeurtenissen en personages af, en laat de gebeurtenissen zonder opsmuk zien. En dat is jammer, want uit diverse momenten was zo veel meer te halen dan nu gebeurt. Zo is Will, eenmaal geüpload op de computer, op het computerscherm te zien met een blanco blik, en hij praat met een monotone stem. Je kunt daar iets heel spannends van maken, zoals bij de boordcomputer HAL uit '2001: A space odyssey'. Dat je denkt: is Will oprecht begaan met ons, of speelt hij een sinister spelletje? Zeker als Caster in een slaperig woestijndorpje een groots computernetwerk laat aanleggen en tientallen medewerkers gaat 'opereren': hij maakt ze supersterk en sluit ze gelijk aan op het computermainframe, waardoor hij als het ware in die lichamen kan zitten. Dat is eigenlijk een heel eng gegeven: een leger van ijzersterke klonen, aangevoerd door een mens in de computer. Stel wat een schade Caster kan aanrichten als hij kwaad wordt!

Mening
Maar Pfister is niet zo geïnteresseerd in 'wat als'-scenario's en weigert gebeurtenissen spannender in beeld te brengen dan ze misschien zijn. Natuurlijk is het goed dat we als publiek onze eigen mening kunnen vormen, maar film hoort toch ook wel te manipuleren, om je zo mee te slepen in het verhaal en je mee te laten voelen met de personages. Nu kijk je van een afstand naar de verrichtingen en laat het je kouder dan zou moeten, zeker met dit intrigerende gegeven. Pfister heeft 'Transcendence' degelijk ingeblikt, maar vergeten het een ziel te geven.