TrosKompas

bat_02.jpg

Batman begins (2005)

En wie verrijst er als een feniks (of beter gezegd: vleermuis) uit zijn as? Batman! Na acht jaar stilte revancheert de ‘caped cruisader’ zich met ‘Batman begins’. de vijfde en beste Batman film tot nu toe.

De titel zegt het al: we gaan terug naar het ontstaan van Batman, het alter ego van Bruce Wayne. Diens zorgeloze jeugd eindigt als z’n steenrijke ouders door een straatrover worden vermoord. Vijftien jaar later is Bruce nog steeds vastbesloten zijn ouders bloedig te wreken. Maar door een speling van het lot komt de moordenaar al door iemand anders aan zijn eind. Gedesillusioneerd vertrekt Wayne (Christian Bale) voor zeven jaar naar Azië, waar hij bij een geheimzinnige sekte allerlei vechtkunsten leert. Zijn mentor is Henri Ducard (Liam Neeson), maar als die wat al te radicale oplossingen tegen terrorisme oppert, vlucht Bruce weer naar zijn landgoed in Gotham City, waar butler Alfred Pennyworth (Michael Cane) hem opvangt. Gotham City is in Bruce’s afwezigheid een corrupte en criminele stad geworden, waar misdaadkoning Carmine Falcone (Tom Wilkinson) de scepter zwaait. De ‘good guys’ zijn op één hand te tellen: de onkreukbare politieman James Gordon (Gary Oldman), het voormalige bestuurslid van Wayne Enterprises Lucius Fox (Morgan Freeman) en Rachel Dawes (Katie Holmes), openbaar aanklaagster en Bruce’s jeugdvriendinnetje. Wayne wil de misdaad bestrijden, maar beseft dat hij daar een alter ego voor moet verzinnen. Een mythisch, grotesk, afschrikwekkend figuur…

Het leek onmogelijk, maar het lukte regisseur Joel Schumacher in 1997 toch: de succesvolle Batman-franchise om zeep helpen. Tim Burton maakte de eerste twee Batman-films (‘Batman’ in 1989 en ‘Batman returns’ in 1992). Het waren stijlvolle rolprenten, maar wel donker en somber, met veel gotische architectuur, constante regenbuien en een held (toen gespeeld door Michael Keaton) die permanent rondliep met een gekwelde blik. Ondanks dat de films succesvol waren, wilden de producers wat anders. Meer kleur, meer gadgets, meer uitbundige vijanden; een kleurrijk stripboek op het witte doek. Joel Schumachers eerste film, ‘Batman forever’ uit 1995 (met Val Kilmer als the caped cruisader) was nog wel te pruimen, maar met ‘Batman and Robin’ (1997) sloeg hij de plank helemaal mis. Van kleurrijk was het een kitscherige kermisattractie geworden, met veel bombarie en ontploffingen, maar nergens een ziel. Daar kon zelfs George Clooney’s anatomisch correcte batmanpak niks aan veranderen.
Na deze megaflop was het tijd voor een achtjarige periode van bezinning. In deze tijd waren er diverse ideeën voor ‘Batman 5’. Eerst wilde men weer een donkere film maken, gebaseerd op het ‘Batman: Year one’ comicboek van Frank Miller. Hij is ook de man achter ‘Sin city’, dus je hebt een idee hoe duister dat ongeveer zou worden. David Fincher (‘Seven’, ‘Fight club’) zou het regisseren, dus hoe donker wil je het hebben? Je zou een zaklamp mee moeten nemen om die film te zien. Ook waren er plannen voor een film met een oudere Batman, waarbij Clint Eastwood zowel de regie zou doen als de puntige oortjes op zou zetten.

Uiteindelijk is de keus gevallen op Christopher Nolan, de 35-jarige Engelsman die in 2000 het briljante ‘Memento’ regisseerde. Hij schreef het script van ‘Batman begins’ samen met David S. Goyer, de man achter de flitsende ‘Blade’-vampierfilms. Allemaal leuk en aardig, maar wat is het resultaat? Welnu, het is de beste uit de reeks. En niet alleen voor Batfans, maar voor iedereen die van films met een goed verhaal en emotie houdt. Is het donker, gotisch en regenachtig? Nee, Gotham city is een normale stad, die nog nooit zoveel zon heeft gezien als hier. Is het een kleurrijke kermisattractie met buitenissige gangsters? Nee, alle misdadigers zijn ‘normaal’, in die zin dat ze er niet uitzien als een joker, pinguin of lopende ijskast. De raarste vermomming komt van de sinistere dokter Jonathan Crane (Cillian Murphy) die regelmatig een jutezak over zijn hoofd trekt (en er dan nog eng uitziet ook).
Hoofdrolspeler Christian Bale heeft een goede kop, maar mist het charisma van zijn voorganger George Clooney. Maar dat is goed! Zo kan hij ons verrassen door onverwacht krachtig en sterk uit te pakken. Clooney heeft al een overwinnaarsuitstraling, dus weet je dat hij ongeschonden uit de strijd zal komen. Bij ‘normale’ Bale ben je daar niet zo zeker van, wat bijdraagt aan de spanning.

Het is erg verfrissend hoe regisseur Nolan zijn film durft op te bouwen. Want pas op de helft van de film trekt Bruce Wayne voor het eerst zijn befaamde outfit aan (de film had dus beter ‘Batman halverwege’ kunnen heten). Daarvoor neemt de regisseur uitvoerig de tijd om uit te leggen wat de beweegredenen van Bruce Wayne zijn om uiteindelijk als superheld door het leven te gaan. Het belangrijkste wat we in dit eerste uur leren is dat hij gewoon een mens is, met zijn gebreken en kortzichtige gedachten. Maar dat hij door inzicht uiteindelijk zijn wraakgevoelens weet te kanaliseren in iets belangrijkers: het redden van zijn stad van corruptie en criminaliteit. Wat dat betreft lijkt Bale’s Batman erg op Tobey Maguire’s ‘Spiderman’ (ook al zo’n goede superheldenverfilming). Maar waar Spidey bovennatuurlijke krachten door een spinnenbeet kreeg (waardoor hij ook nog eens aan muren kan kleven en een supersterk spinrag uit zijn polsen kan schieten), moet Bruce Wayne elke ochtend 100 pushups doen om in vorm te blijven, en is zijn outfit behangen met spullen uit de abseil- en klimmerswereld, om zich nog een beetje ‘superheldachtig’ voort te bewegen.
De grote actiescènes van het laatste half uur zijn apart genoeg het minste deel van de film, omdat die haast overkomen als makkelijk scoren met ontploffingen, na de fascinerende karakterstudie van de anderhalf uur daarvoor. Maar al met al maakt ‘Batman begins’ absoluut geen valse (her)start.