TrosKompas

gwh.jpg

Good Will Hunting (1997)

Je zou zeggen dat buitengewone intelligentie het leven gemakkelijker maakt, maar soms resulteert het alleen in een vermogen om onoverkomelijke obstakels te verzinnen. Kijk bijvoorbeeld naar de weesjongen Will Hunting (Matt Damon), een autodidact met een fotografisch geheugen en een hart van goud. Maar dat verbergt hij achter een bunker van gewapend beton. Als schoonmaker, sloper en frequent café-bezoeker doet hij niets met zijn talent. Hij leeft zich uit in criminele zaakjes en als hij wordt opgepakt, overbluft hij de rechter met citaten uit de grondwet. Een leraar wiskunde is onder de indruk van Wills analytische vermogens en wil met de ruwe diamant aan de slag. Dat mag van de rechter als de leraar ervoor zorgt dat dit probleemgeval in therapie gaat. Nadat Will met zijn enorme kennis – hij leest de boeken van de psychiaters die hij krijgt toegewezen – de eerste vijf zielenknijpers heeft laten afdruipen, komt hij in contact met Sean McGuire (knappe rol van Robin Williams, die hem een Oscar voor Beste Bijrol opleverde). Langzaam dringt deze psycholoog wel door tot de emoties van Will en hij ontdekt dat de jongen vooral bang is. Bang om te falen en bang om verlaten te worden. ’Good Will Hunting’ is een prachtige film vol sentiment en knap spel. Wie zijn ogen de volle twee uur droog weet te houden, heeft een hart van steen.