TrosKompas

spy_01.jpg

Spy (2015)

Aan de kant James Bond, hier is Susan Cooper! Een volslanke kantoormedewerkster (Melissa McCarthy) probeert in 'Spy' te overleven in de spannende wereld van spionage. Dankzij de sympathieke hoofdrol blijft 'Spy' boeien, al zwakt de film in het tweede deel flink af.

De James Bond-films zijn al 53 jaar iconisch; eind dit jaar komt nummer 24 uit en de bezoekersaantallen zijn gigantisch. Naar schatting heeft meer dan de helft van de wereldbevolking minimaal één Bond-film gezien. Door die ongeëvenaarde populariteit en talloze vaste ingrediënten zoals de gentleman-geheimagent, de idyllische locaties, de gadgets van Q en de knappe Bond-girls is 007 een dankbaar onderwerp voor parodieën. In het verleden leverde dat leuke films op als 'Johnny English' met Rowan Atkinson en 'Austin Powers' met Mike Myers. 'Spy' probeert ook een parodie te zijn, maar is halverwege door de leuke grappen heen en gooit het dan op puberale humor die niet aanslaat. Hoe enthousiast het dan ook gebracht wordt.

Bondopening
'Spy' begint wel sterk met een James Bond-achtige opening vol spektakel, explosies en gevechten waarin geheimagent in pak Bradley Fine (Jude Law) ergens in Bulgarije belaagd wordt door talloze bewapende mannen. Puur door zijn snelle moves en handigheid en zijn alwetende partner-op-kantoor Susan Cooper (Melissa McCarthy) weet hij zich te redden. Susan is weliswaar duizenden kilometers uit de buurt, maar tegelijkertijd het alziende en alwetende oog van deze operatie en ze is dankzij camera's, satellietbeelden met hittezoekers en een indrukwekkende voorbereiding op onwaarschijnlijke eventualiteiten (Wat als een voertuig niet start? Wat is de snelste uitweg in het doolhof aan gangen?) het eigenlijke brein achter deze operatie. Ook al lijkt ze een huismusje met nuffig haar en overgewicht. Als Bradley tijdens een nieuwe operatie gesnapt wordt omdat ze hem door een technisch mankement op het moment suprême niet van informatie kan voorzien, besluit Susan zelf het veld in te gaan. Maar is ze door haar kantoorwerk en postuur wel geschikt voor dat werk?

Charmante hoofdpersoon

'Spy' is als parodie niet zo sterk. Er is een aardige scène waarin Susan naast alle spannende gadgets grijpt en afgescheept wordt met nagellak, een fluitje en diarreepillen. Er wordt natuurlijk veel gereisd naar wereldsteden als Rome, Parijs en Budapest. Ze moet zich vermommen als kattenvrouwtje en er is een misdaadimperium met akelige plannen, maar daar blijft het dan ook bij. Heel grappig of vernieuwend wordt het nooit. Dat wil niet zeggen dat de film mislukt is. Susan Cooper is een vriendelijk karakter voor wie je als kijker direct sympathie opvat. Ze is verliefd op die onbereikbare droomprins Bradley, heeft duidelijk last van een underdogcomplex en reageert soms net zo onhandig als wijzelf in dezelfde situatie zouden doen. Allemaal redenen om met haar mee te leven en zelfs een soort van medelijden te voelen als ze zich weer met een vreemde jurk en pruik moet vermommen. Melissa McCarthy die we kennen uit de tv-serie 'Gilmore girls' en films als 'Bridesmaids' acteert rustiger dan gebruikelijk en draagt met haar rol de hele film. Prima stuntsNet zo enthousiast zijn we over de stunts met McCarthy hangend aan een helikopter, over de achtervolgingen met scooters of auto's en de prima gevechten. Er is duidelijk geld geïnvesteerd om de stunts op het Bond-niveau van een aantal jaren geleden te brengen en de film is bij vlagen zelfs echt spannend, zoals bij een dreigende bomaanslag in Parijs. Gecombineerd met de leuke oneliners en Susans onhandigheid – ze eet per ongeluk een handdoekje op in een chic restaurant; hm, wel wat taai – is 'Spy' weliswaar geen goede parodie, maar wel een zeer vermakelijke film.

Jason Statham
Daar moet wel bij aangetekend worden dat de film met twee uur aan de lange kant is. Stevig knipwerk in de flauwe kantoorscènes, waar op de CIA-burelen blijkbaar een ratten- en vleer-muizenplaag heerst, en in de bijdrage van Jason Statham, die te weinig knokt en veel te veel praat, had de film sneller en beter gemaakt. Als ruige actieheld die een overdreven ruige actieheld speelt, is Statham net een beetje te aanwezig en de gimmick is er na drie of vier keer wel vanaf. Al blijft zijn opmerking dat hij ?een keer undercover ging als Barack Obama? wel hilarisch. Kortom, 'Spy' kent zijn momenten, maar laat ook wat steekjes vallen. Het lijkt dan ook onwaarschijnlijk dat er over een paar jaar een 'Spy 2' of 'Spy 3' zal verschijnen zoals dat bij 'Austin Powers' en 'Johnny English' wel het geval was. Daarvoor is de film eenvoudigweg niet goed genoeg. Om in Bond-termen te blijven: we waren wel even 'shaken', maar nooit echt 'stirred'.