TrosKompas

Freek Vonk

De Caracal

Ik ben in de Kalahari-woestijn in Namibië en zit muisstil in de auto. Honderd meter voor me besluipt een caracal net een groepje vogels bij een waterpoel.

De sluipende kat is zo goed als onhoorbaar door de stugge, korte haren op zijn voetkussentjes. Zo komt hij dichtbij genoeg voor een sprong. Als vogels merken dat er gevaar dreigt, is het bijna altijd al te laat. Wegvliegen heeft ook niet altijd zin. Caracals springen vanuit stilstand zo drie meter de lucht in. Met hun kromme, scherpe nagels maaien ze een vluchtende vogel neer.

Voor een gevederd maaltje moeten ze overdag de deur uit, maar hun meeste jachtpogingen doen ze ’s nachts of in de schemer. En dat zijn echt niet altijd kleine maaltijden: caracals vangen soms antilopen die meer dan drie keer zo zwaar zijn als zijzelf! En net als luipaarden hijsen ze hun buit weleens in een boom, om hem te verstoppen voor andere vleeseters. Wat een krachtpatsers!

Vlag op je oor

Caracals hebben een zandkleurige vacht en vallen zo niet op in de droge gebieden waar ze leven, alleen lijkt die camouflage op te houden bij de kop. Check die wit-zwarte tekening en vooral de zwarte oorpluimen. De pluimen hebben verschillende functies. Zo zouden het een soort opzetstukken zijn om omgevingsgeluiden beter het oor in te geleiden, als trechters.

De oren zelf zijn net schotelantennes; ze worden door vele spieren aangedreven en kunnen los van elkaar bewegen. Ook het binnenoor is groter. Pluimen, oorschelpen en binnenoor helpen de caracal samen enorm bij het jagen. Maar die pluimen zijn ook belangrijk voor de communicatie met soortgenoten. Ze accen-tueren alle bewegingen van de oren en de kop en seinen naar een voorbijganger. Wat de status van de katten is bijvoorbeeld, hun identiteit en vooral ook hun bedoelingen! Twee caracals die naar elkaar zwaaien, hoe leuk is dat?