TrosKompas

deja_vu_007.jpg

Déjà vu (2006)

Je komt in een onbekende omgeving of situatie, maar toch heb je het gevoel dat je het al eens eerder hebt meegemaakt... Déjà vu dus. Voor Denzel Washington wordt het een bloedserieus gevoel als hij er een moordzaak mee kan oplossen.

Detective Doug Carlin (Denzel Washington) krijgt een pittige zaak voor zijn kiezen. Een veerboot, met aan boord honderden matrozen plus aanhang, is ontploft. Carlin komt al snel tot de ontdekking dat de moordaanslag iets te maken heeft met Claire Kuchever (Paula Patton), een jonge vrouw die kort daarvoor is vermoord. Hij krijgt hulp van het onderzoeksteam onder leiding van agent Pryzwarra (Val Kilmer), die een interessant nieuw hulpmiddel heeft: een satellietsysteem waarmee je dwars door muren kunt filmen, compleet met geluid. Het enige nadeel is dat de beelden vier dagen oud zijn. Ze observeren de dan nog levende Claire in haar flat, en Carlin wordt langzaam maar zeker verliefd op haar. Dan blijkt er een manier te zijn om Claire én de veerbootopvarenden te redden: via het satellietsysteem blijk je namelijk ook terug in de tijd te kunnen reizen. Carlin werpt zich op als proefkonijn...

Visuele krachtpatserij

Bij het kijken naar 'Déjà vu' bekruipt je een gevoel van: heb ik deze film niet al eens eerder gezien? Zo erg drukt de regiestijl van Tony Scott een stempel op zijn films. Hij heeft visuele krachtpatserij naar een hoger plan getild; kijk ook maar eens naar zijn twee voorgaande films: 'Man on fire' en 'Domino'. Kleuren knallen bij Scott van het scherm af; je verdrinkt haast in het diepe rood, groen en geel dat hij gebruikt. Elk shot is hypergestileerd: zweetdruppeltjes lopen stijlvol naar beneden en sigarettenrook kringelt zich sierlijk naar boven. Een typisch Tony Scott moment in 'Déjà vu': iemand schiet met een pistool. Waar veel regisseurs het bij een knal zouden laten, maakt de 62-jarige Brit er een waar huzarenstukje van. In slowmotion wordt er met het glimmende vuurwapen geschoten. De loop braakt een mooie explosie en de lege kogelhuls komt met een 'woeshwoeshwoesh'-geluid uit het magazijn cirkelen. Zwaar over de top natuurlijk, maar gemaakt met zoveel liefde voor het beeldende aspect dat je het daarom wel weer kunt waarderen.

Ongeloofwaardig uitgangspunt

Is de visuele krachtpatserij genoeg om ons het bizarre verhaal te laten slikken? Nee. Goed, we hebben nu google earth, waarmee je per satellietfoto je eigen huis ter grootte van een postzegel kunt opzoeken. Maar 'Déjà vu' gaat veel verder. Satellieten kunnen dwars door muren heen filmen, in kleur, vanuit elke gewenst standpunt (ze kunnen zelf 360 graden om mensen heen draaien) en mét geluid. Tja. Dan kan het zenuwcentrum van deze nieuwe techniek er nog zo imposant uitzien, met zijn tientallen computers, beeldschermen, knopjes en kilometers aan snoeren, je gelooft het toch niet.

Goed opgebouwde spanning

Dit komt omdat 'Deja vu' te veel tussen twee genres hinkt. Het begint als een actiethriller, als de veerboot met aan boord honderden matrozen en hun familie spectaculair ontploft. Regisseur Scott weet hier de spanning goed op te bouwen. Shots van blije gezinnen en spelende kinderen worden afgewisseld met een verlaten auto zonder kenteken benedendeks. De vrolijke familiescènes duren lang genoeg om een band te creëren met die mensen, en de shots van de auto duren lang genoeg om te beseffen dat er iets goed mis is... En inderdaad, de auto zit tjokvol explosieven, en een allesvernietigende ontploffing is het gevolg.
Een spannend moment, maar dan komt de abrupte overgang naar sciencefiction. De satelliettechniek wordt geïntroduceerd, en niet veel later wordt Doug Carlin zelf teruggeflitst naar vier dagen geleden. Dit doet een te groot beroep op je inlevingsvermogen. Als het hele verhaal zich nu in een futuristische toekomst afspeelde, en Doug met zijn zwevende auto naar het laboratorium was gevlogen en professor Barabas de tijdsmachine had bediend, oké! Maar nu slik je het niet.

Sterke Denzel Washington

Dit betekent niet dat de onwaarschijnlijke tijdreistechniek geen mooie beelden oplevert. Je ziet Doug Carlin urenlang kijken naar opnames van Claire en langzaam verliefd op haar worden. Hij staat vlakbij een groot scherm waarop Claire is te zien. Ze lacht, toevallig, in de camera. Doug steekt instinctief zijn hand uit om haar gezicht te strelen. Zo dichtbij en toch zo ver weg.
Bovenstaande scène zegt natuurlijk ook veel over het acteertalent van Denzel Washington, die in de huid van Doug Carlin kruipt. Hij draagt de film, en loodst ons door de letterlijk ongelooflijke stukken heen. Want als de betrouwbare Denzel het gelooft, zijn wij als kijker ook wel iets meer bereid om in het verhaal mee te gaan. Door zijn natuurlijke spel (het lukt Washington om zowel charismatisch en grofgebekt als gevoelig en ingetogen te zijn) trekt hij met speels gemak de film naar zich toe. Denzel is de reden (met een beetje hulp van regisseur Scotts mooie plaatjes) dat je je 'Déjà vu' toch nog wel een paar weken blijft herinneren.