TrosKompas

jusst.jpg

The fast and the furious: Tokyo drift (2006)

Genoeg van het gekakel van de mens? Kijk dan naar 'The fast and the furious: Tokyo drift'. Gevuld met het gebrul van motoren, gepiep van banden en het gekraak van de versnellingsbak.

Als Sean Boswell (Lucas Black) na de zoveelste illegale autorace weer op het politiebureau belandt, stelt zijn moeder hem voor de keus: of celstraf, of bij zijn vader in Tokio gaan wonen. Hij kiest voor het laatste, maar kan ook daar niet zonder brullende bolides. Hij raakt bevriend met snelheidsduivel Han (Kang Sung), lefgozertje Twinkie (Bow Wow) en de verleidelijke Neela (Nathalie Kelley). Dit tot groot ongenoegen van DK (Brian Tee), de vriend van Neela én een gevaarlijk mannetje met maffiaconnecties. DK daagt Sean uit tot een autorace, waarbij Sean niet alleen zijn eer, maar ook zijn leven kan verliezen...

Dit was het menselijke verhaal. Nu het eigenlijke verhaal: de Mitsubishi Evolution 9 wil samen met zijn partner-in-crime, de Mazda RX-7 Veilside, het opnemen tegen de Nissans. Deze clan, bestaande uit de Fairlady 350 Z, Silvia S-15 en Skyline R33 houdt de auto-industrie van Tokio in een wurgende greep. Mitsubishi en Mazda krijgen hulp uit buitenlandse hoek: de Duitse Volkswagen Touran Van en de Amerikaanse neefjes Ford Mustang en Dodge Viper. Een strijd die vele banden, bumpers en benzine zal kosten barst los...

Bovenstaande is ironisch bedoeld, maar wel met een kern van waarheid. Kijk maar naar de poster van 'The fast and the furious: Tokyo drift' en je ziet gelijk hoe de verhoudingen tussen mens en machine liggen. Een immense, kleurrijke auto slokt bijna het gehele affiche op, terwijl op de achtergrond de mensen er klein en letterlijk kleurloos bijstaan. De wagens zijn het absolute middelpunt, met hun brullende motoren, glimmende lak en opgepimpte uiterlijk. Het is dat de auto's mensen nodig hebben om ze te besturen, anders zat er waarschijnlijk helemaal geen levende ziel in de film (en hadden we dus 'Cars 2' gehad).

De eerste twee 'Fast and the furious'-films waren aardig, maar zelfs autoliefhebbers moesten toegeven dat aan het eind van de tweede film het concept wel uitgemolken was. Als er een derde film moest komen zou die waarschijnlijk direct op dvd uitgebracht worden, om zo de laatste kruimels van een uitgebluste franchise mee te pikken. Dat dit niet is gebeurd, is voornamelijk aan regisseur Justin Lin te danken. De jonge filmmaker (33 jaar) heeft hiervoor een stel kleine films gemaakt (zoals 'Better luck tomorrow') maar zag 'Tokyo drift' duidelijk als dé kans om door te breken bij het grote publiek. Kosten nog moeite heeft hij gespaard om de races -het hart van de film- zo spectaculair mogelijk in beeld te brengen. En zonder het gebruik van (computer)effecten: alles wat je ziet is echt, wat bijdraagt aan een adrenalineverhogende kijkervaring. Voor de unieke camerastandpunten werden de daken van de wagens eraf geknipt, of zelfs de zijkanten van sommige auto's er compleet af gehaald. Zo zit je praktisch bij de bestuurder op schoot, en kan je je zelfs de bolide wanen terwijl die in haarspeldbochten de 'Tokyo drift' maakt: een racetechniek waarbij je door tegelijkertijd te remmen en accelereren als het ware door de bochten heen 'glijdt'.

Het script is geschreven door Chris Morgan, die al met de uiterst vermakelijk actiefilm 'Cellular' liet zien dat hij meester is in het schrijven van de betere B-film. ook voor 'Tokyo drift' heeft hij geen diep doorwrochten verhaal gemaakt. Morgan houdt het simpel, en belangrijker: hij houdt de vaart erin. Hierbij past de schrijver een slim trucje toe: de film gaat snel genoeg om constant de aandacht erbij te houden, maar té snel om bij onlogische zaken stil te staan. Want het is eigenlijk wel heel bizar dat Amerikaan Sean op zijn eerste schooldag in Tokio niet alleen de Japanse taal begrijpt maar ook kan schrijven! Wij hebben hem daarvoor in ieder geval niet een stoomcursus Japans zien volgen (of misschien knipperden we net met onze ogen toen die scène langskwam).

Mensen spelen in de 'Fast and furious'-reeks de bijrollen. Ze zijn dan ook verrassend charismaloos en volstrekt inwisselbaar. Herinnert iemand zich Paul Walker nog, 'ster' van de eerste twee delen? Ook Lucas Black, die in 'Tokyo drift' het hoofdpersonage Sean Boswell speelt, is haast opvallend in zijn onopvallendheid. Het enige wat bijblijft is een rare frons boven zijn ogen en een vet Zuidelijk accent. Aan het einde van de film maakt een acteur die wél de filmsteruitstraling heeft even zijn opwachting. Pas bij hem valt het de kijker op dat er daadwerkelijk iemand achter het stuur zit van de auto's.

En de auto's stralen, glimmen, lonken... Ze zijn snel en furieus, en doen de Tokyo drift. Alles wat de titel zegt wordt waargemaakt, en nog een beetje meer. Want het is duidelijk geen ongeïnspireerde herhalingsoefening, maar juist een met liefde voor onze trouwe vierwieler gemaakte film.